Nieuw onderzoek: ecoducten goed voor biodiversiteit

Dit bericht is geplaatst op 25 juni 2020 in Nieuws
Deel deze pagina

Faunapassages en ecoducten dragen bij aan de Nederlandse biodiversiteit. Dit blijkt uit een studie die deze maand verscheen in wetenschappelijk tijdschrift Landscape Ecology. Door deze verbindingswegen is er namelijk een aanzienlijke hoeveelheid nieuwe natuur in Nederland ontstaan, waardoor dieren meer leefruimte hebben gekregen. Dit heeft zo een positief effect op de biodiversiteit.

ecoducten biodiversiteit

Ontsnipperen Nederlandse natuur

De afgelopen 15 jaar is er in Nederland een aanzienlijke hoeveelheid faunapassages en ecoducten uit de grond gestampt, als onderdeel van het Meerjarenprogramma Ontsnippering. Zoals de naam al suggereert, was het doel hiervan om de versnippering van de Nederlandse natuur (onder meer door bebouwing) tegen te gaan. Hierin staat ons land niet alleen. Wereldwijs stimuleren overheden namelijk dergelijke ontsnipperende maatregelen. Over de effectiviteit van deze programma’s was echter nog weinig bekend. Daar brengt deze studie nu verandering in.

Ecoducten goed voor biodiversiteit

Dit onderzoek vond plaats onder leiding van de Rijksuniversiteit Groningen. Door middel van een door Sweco ontwikkelde natuurpuntencalculator, toonde de onderzoekers aan dat ecoducten en faunapassages daadwerkelijk aan de biodiversiteit van Nederland bijdragen. In totaal leverde het Meerjarenprogramma namelijk het equivalent van 1.734 hectare goede natuur aan biodiversiteitswaarde op. Niet elke verbindingsweg was hierbij echter even effectief. De studie liet namelijk ook zien dat de ecologische resultaten sterk verschilden per maatregel. De ecoducten (bruggen voor dieren) zijn het meest effectief, gevolgd door kunstwerken gebruikt door zowel mens als dier (‘gedeeld gebruik’) en grote faunatunnels.

Kosteneffectievere oplossingen

Hoewel ecoducten en faunatunnels dus meer leefruimte voor dieren opleverde, hang hier we een prijskaartje aan. De studie deed namelijk nog een opmerkelijke onthulling, namelijk dat ontsnipperende maatregelen vaak niet kostendekkend zijn. Ecoducten leveren weliswaar de beste resultaten op, maar ze zijn ook het duurst. Het Meerjarenprogramma vergde in totaal een investering van 283 miljoen euro. Daarom bevat de studie ook een aantal aanbevelingen over meer kosteneffectieve maatregelen, zoals faunatunnels en viaducten met gedeeld gebruik. Ook zou de aankoop van landbouwgrond voor natuurherstel en het beter beschermen van bestaande natuurgebieden goedkoper zijn dan het bouwen van oversteekplaatsen voor dieren.

Samenwerking

Deze studie was het resultaat van een samenwerking tussen ingenieursadviesbureau Sweco, Rijksuniversiteit Groningen, Planbureau voor de Leefomgeving, Wageningen Environmental Research, Altenburg & Wymenga en de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). De volledige studie vind u hier.


Deel deze pagina