Oplossingen voor de ‘verdozing’ van Nederland?

Dit bericht is geplaatst op 29 maart 2019 in Nieuws

De e-commerce in Nederland blijft het goed doen: in 2018 steeg de omzet met 10 procent ten opzichte van 2017, zo blijkt uit de cijfers van de Thuiswinkel Markt Monitor. Maar liefst 96% van de consumenten koopt nu producten en diensten online. Dat is niet alleen goed nieuws, want door ons online koopgedrag komt de openbare ruimte verder in het gedrang. Dit betekent ook dat er steeds meer én grotere distributiecentra nodig zijn in ons land. In 2018 toonde de grootstedelijke regio Amsterdam-Schiphol-Almere bijvoorbeeld een enorme stijging van de bezettingsgraad van distributiecentra, wat erop wijst dat er meer nodig zullen zijn. Aangezien in Noord-Holland al bijna 20 procent van de ruimte bebouwd is en in Zuid-Holland zelfs al bijna 25 procent, zoals blijkt uit cijfers van het CBS, is het geen leuk idee dat er nóg meer open ruimte ingenomen zal worden door magazijnen. Dit heet ‘verdozing’, vernoemd naar de doosvorm die vele magazijnen hebben. Zo verdwijnt bijvoorbeeld binnenkort het laatste stukje natuur in de Rotterdamse haven voor een gigantisch distributiecentrum. Kan hier nog iets aan gedaan worden? En waar vinden we nog groen in onze steden?

Klein maar erg groen

Eén manier om de groene ruimte in de stedelijke gebieden enigszins te behouden is door middel van tiny forests. Vorig najaar plantte de natuurorganisatie IVN in 12 verstedelijkte gemeenten dichtbegroeide bosjes aan – met meer dan 40 plantensoorten – op gebieden van een tennisveld groot. Deze bosjes zorgen niet alleen voor het nodige groen, maar trekken ook dieren aan, zorgen voor opname van CO2, plus extra wateropname wanneer de riolen het water niet meer kunnen afvoeren. Natuurlijk gaan ze op zich de ‘verdozing’ niet tegen, maar ze kunnen wel helpen het groen te behouden.

(tekst gaat door na afbeelding)

Bepaalde rechten voorbehouden PIXABAY

Bepaalde rechten voorbehouden PIXABAY

De leverancier kan ook slimmer gaan leveren of verladen. Wanneer er lokaler geleverd wordt, kan dit vanuit kleinere magazijnen en worden nieuwe grote supermagazijnen overbodig. Neem bijvoorbeeld transportbedrijf Hulshoff in de Amsterdamse Zuidas; daar hebben ze een hub gecreëerd, waar aan te leveren producten gegroepeerd worden alvorens ze met elektrische vrachtwagentjes verder geleverd worden. Dit betekent dat bestellingen van verschillende bedrijven of organisaties ook samen kunnen worden aangevoerd, wat ruimtebesparend werkt. Een andere oplossing is het aantal verplaatsingen op zich te gaan verminderen. Dit kan via slimme gps-tracking, zoals van deze aanbieder, wat de mogelijkheid biedt een voertuig minutieus te volgen: waar is het geweest en binnen welk tijdsbestek? Welke verplaatsingen zijn dus overbodig? Dit is dan ook de ideale manier om te zien hoe leveranciers en distributeurs nauwer kunnen samenwerken om leveringen lokaler te houden.

Het circulaire magazijn

Het blijft echter een utopie om te denken dat er geen nieuwe distributiecentra meer bij zullen komen. Daarom moet er ook gekeken worden naar de bouw van die magazijnen op zich. Alijd van Doorn van Habeon Architecten is ervan overtuigd dat ze in 2020 de eerste circulair gebouwde – dus met honderd procent hergebruikte materialen – magazijnen kunnen opleveren. Zo is er op zijn minst geen nieuwe impact op het milieu, buiten het feit dat die ‘doos’ er natuurlijk komt.