Openbare verlichting, nog geen tijd om stil te zitten

Dit bericht is geplaatst op 6 juni 2019 in Nieuws, Openbare verlichting

De afgelopen tien jaar is de openbare verlichting in Nederland behoorlijk aan innovaties en veranderingen blootgesteld. Tegenwoordig spreekt men vooral over Smart Cities, IoT, Circulariteit en natuurlijk het klimaatakkoord. Maar we moeten niet vergeten dat we de openbare verlichting in eerste instantie aanbrengen voor het creëren van sociale veiligheid en verkeersveiligheid. Oftewel, zien en gezien worden. 

De functie van strooilicht is onderschat 

Beide functies hebben een andere wijze van verlichten. Voor verkeerswegen geldt dat de verlichting vooral gericht is om weggebruikers en objecten op de weg te herkennen en daarop te kunnen anticiperen. In woonstraten gaat het niet alleen om het verlichten van de weg, maar vooral om het sociale aspect, waarbij het herkennen van de omgeving, het waarnemen van kinderen op de stoep en het kunnen reageren op onverwachte situaties veel belangrijker is dan alleen de wegsituatie voor je. Waar tot tien jaar geleden de lichtbronnen dermate groot waren zodat we in de meeste gevallen vanzelf voldoende strooilicht kregen, kan met led mogelijk het licht gericht worden gestuurd. Het is dus mogelijk om alleen de weg te verlichten en het licht langs de rand van de weg af te kappen. Richtlijn-technisch prima, maar het waarnemen van de omgeving is niet meer mogelijke en ontstaan er gevaarlijke situaties.

Het creëren van omgevingslicht door bredere optieken te kiezen vergroot de zichtbaarheid en dus ook de leefbaarheid van de stad. Het toepassen van voldoende strooilicht in de omgeving draagt dus bij aan het gevoel van veiligheid bij de bewoners. Waarmee we gelijk bij een ander belangrijk gevolg van verlichting komen, namelijk lichthinder. Als te veel direct licht op de gevels valt herkennen de weggebruikers de omgeving, maar ervaren bewoners hinder van weerkaatsing in de televisie of te veel licht in de slaapkamer, waardoor men ‘s nachts niet slapen kan.

Lichtontwerp gaat ook over omgeving en vormgeving 

De basis van de openbare verlichting begint dus met een goed lichtontwerp, waarbij niet alleen volgens de richtlijn ontworpen wordt, maar vooral een lichtontwerp met oog voor de omgeving.

Nadat de ontwerpen zijn uitgedacht komt een andere belangrijke functie, namelijk stadsverfraaiing aan bod. Waar de verkeerswegen vooral met technische armaturen worden uitgerust en in de binnenstad vaak het design boven de lichtkwaliteit gaat, worden woonstraten in de wijken in de regel voorzien van armaturen met een standaard, tijdloze vormgeving. De grootste uitdaging voor stedenbouwkundigen en de ontwerpers en beheerders van OVL is om een armatuur te kiezen dat ‘standaard’ is, passend in de geest van wijk waar deze geplaatst wordt. Zo is een futuristisch armatuur in de ene wijk minder ‘mooi’ dan in de andere.

Energieverbruik, nieuwe technologie, nog meer besparen 

In de jaren ‘80 heeft men in Nederland al een behoorlijke energiebesparing gerealiseerd ten opzichte van de omringende landen door in de bebouwde gebieden de kwik- en natriumlampen te vervangen voor de compacte fluorescentielichtbron. In Nederland is het energieverbruik bij OVL veel lager dan bij de omringende landen. Echter, er is met led een veel energiezuinigere lichtbron gekomen dan voorheen. Ook is het mogelijk om de verlichting standaard te laten dimmen, zodat in de drukke perioden meer licht op straat is dan midden in de nacht, wanneer er nauwelijks verkeer in de straat is. Uiteindelijk moet een energiebesparing op de OVL van 50 procent te realiseren zijn.

Als er gekozen is voor een passend verlichtingsontwerp en er een keuze is gemaakt voor de vormgeving van een armatuur is het de volgende stap om te zien of deze keuze past in de gedachte van circulariteit. Al in de ontwerpfase kan hiermee rekening gehouden worden. Een doordacht ontwerp, circulair de markt uitdagen en sturen op de circulaire principes kan bij openbare verlichting al veel aan circulariteit gedaan worden.

Slimme verlichting: kies wat bij u past 

De meest actuele vraag is niet of, maar hoe we het begrip smart city gaan toepassen. Is de openbare verlichting de drager van Smart City of sluit OVL aan bij een bestaand netwerk? Hier zijn veel keuzes in te maken. Met sensoren kunnen we de verlichting schakelen wanneer dit nodig is en is energieverbruik verder te optimaliseren dan wanneer we alleen led toepassen. Met de informatie over de performance van de armaturen kunnen we adequaat beheer voeren over de installatie van de toekomst. Kijken naar nut en noodzaak van deze nieuwe technologie is wel van belang.

Er kan dus veel meer met openbare verlichting dan een aantal jaar geleden. Laat u dan ook goed informeren over de kansen en mogelijkheden die de openbare verlichting biedt. Het zou een gemiste kans zijn om wel te investeren in deze nieuw technologie, maar functionaliteit in de praktijk niet te benutten.

Spectrum Advies & Design
Hoge Eng-West 34 Putten
0341 35 90 00
www.spectrumadvies.nl